5: Een verlaten dorpje in de bergen

Gepubliceerd op 13 juni 2026 om 22:43

De kust achter ons latend reden we terug naar de hoofdweg, de Interamericana.

Voordat we daar aankwamen werden we staande gehouden door twee parkwachters en drie politieagenten. Ons hotel lag in een nationaal park. Op de heenweg mochten we gewoon doorrijden, een beetje zoals bij een douanecontrole. Maar op de terugweg moesten we dus stoppen. De parkwachters deden gewoon hun werk en vroegen beleefd om ons paspoort en wat we hadden gedaan.

Oom agent probeerde ons te imponeren en maakte ons in het Spaans voor van alles uit, wat overigens niet helemaal klopte. (Je zag plaatsvervangend schaamrood bij de jongere agenten.) Na akkoord van vertrek door de parkwachters probeerde oom agent ons nog wat geld af te troggelen. Maar toen waren wij ineens de stomme toeristen die hem niet begrepen.

Eenmaal bij de Interamericana aangekomen, staken we deze over om naar het noorden te rijden richting Santa Fe.Santa Fe is een rustig en idyllisch plaatsje, hoger gelegen in de bergen, waar het ook wat koeler is. Na een hobbeltocht met wederom steile hellingen kwamen we aan in Santa Fe.Het is duidelijk te merken dat het laagseizoen is. Restaurants zijn dicht en hotels verlaten. Met zekerheid zijn wij op dit moment de enige toeristen.

Na een lunch bij een hoog aangeschreven restaurant hadden we helaas een slechte ervaring. Het eten lukte nog net, maar de oude zweetlucht, vieze kleding en desinteresse van de eigenaar waren ronduit goor.Bij aankomst in ons hotel kregen we de bevestiging: we zijn inderdaad de enige gasten. Na alle tours doorgenomen te hebben met de eigenaar, bleek dat we het meeste ook prima zelf kunnen doen, aangezien we een auto hebben.

Maar goed, dat is niet voor vandaag. Vandaag staat op de planning: uitruimen, Santa Fe ontdekken en ook een welverdiende douche nemen die na drie dagen eindelijk geen zout water meer heeft.

In de middag kwamen de aangekondigde mugjes. Denk aan hele jonge muggen qua formaat, maar ze bijten als een malle. Waar de anti-muggenspray zat, was er geen probleem. Maar door een t-shirt heen bijten? Dat kunnen ze wel… Mirjams kleding was blijkbaar dik genoeg, maar Floris heette vanaf die avond Stippie. Genoeg hapjes en genoeg jeuk!

Nieuwe dag, nieuwe kansen.
Omdat er geen restaurant bij dit hotel is, wordt het ontbijt op het eigen terrasje geserveerd.
Na het ontbijt zijn we vroeg weggegaan voor een wandeling naar een waterval. Want je raadt het al: hoger gelegen en koeler… NOT! Het is 31 graden, maar voelt als 37.
Een wandeling van anderhalf uur betekent dus: volledig doorweekt aankomen. Tussendoor hebben we bij de watervallen nog gezwommen, althans Floris.

Net wat boodschappen gedaan en nu rustig lezen en wat eten. Dit keer was de lunch wel lekker, echt Panamees eten met als voorgerechtje gefrituurd bananenbeslag gevuld met gekruide kip. En verder wat lekkere kip, rund met groenten en rijst.

Er is een plekje waar aan het einde van de dag graag kolibries komen, dus we hopen er eentje op de foto te krijgen.
Morgen een lange rit terug naar ons tweede plekje: Gatun Lake Lodge. Maar daar volgt later meer over.